Logo zenderstreeknieuws.nl


Beiaardier Lydia Zwart zorgt vanuit de toren van de Nicolaaskerk voor de muzikale omlijsting van heel IJsselstein.  FOTO: Lysette Verwegen
Beiaardier Lydia Zwart zorgt vanuit de toren van de Nicolaaskerk voor de muzikale omlijsting van heel IJsselstein. FOTO: Lysette Verwegen

Beiaardier Lydia Zwart laat de toren zingen

  Human Interest

IJsselstein - Een van de IJsselsteinse schatten IJsselstein is het carillon in de Nicolaaskerk aan het Kronenburgplantsoen. Behalve de uurslagen klinkt elk kwartier een melodietje over de stad, om de tijd te laten horen. Het echte werk is te horen elke vrijdag van 14.30 tot 15.30 uur. Dan bespeelt stadsbeiaardier Boudewijn Zwart het carillon en soms zijn dochter: Lydia Mussche-Zwart.

- Lydia Zwart (28) is al vier jaar vaste gast tijdens de Sprokkelavond en valt soms in voor haar vader, die fulltime beiaardier is, verdeeld over twaalf steden. Ze bespeelt het carillon al 10 jaar en volgde de beiaardieropleiding van vier jaar op conservatoriumniveau. 'Er zijn maar twee beiaardierscholen: in Amersfoort, bij haar vader in Dordrecht en in het Belgische Mechelen. "Het carillon – of de beiaard – is typerend voor Holland; het is Hollandser dan tulpen of molens, maar het wordt slecht als promotie ingezet, terwijl toeristen weg zijn van onze 'zingende torens'. Een carillon geeft aanzien aan de stad. Nederland telt tweehonderd carillons, waarvan vier in Amsterdam. Hoe meer carillons en klokken – IJsselstein heeft er vijftig – hoe rijker. Dordrecht heeft het grootste carillon met 67 klokken. Daar heb ik examen gedaan", vertelt ze.

Het carillon, een echt muziekinstrument, bestaat al vijfhonderd jaar. Het carillon in IJsselstein is vijftig jaar oud. Het carillon bespelen is een flinke klus. De toetsen worden niet met de vingers, maar met volle vuisten bespeeld. "Van oudsher was beiaardier een mannenberoep, maar de klavieren zijn makkelijker bespeelbaar geworden." Een beiaardier is in dienst van de gemeente. "Er zit geen ambtenaar hoger dan de beiaardier", grapt ze.
Ze vergelijkt haar beroep met een troubadour. "Je trekt van stad naar stad en geeft overal een gratis concert voor alle inwoners. Je zit hoog in de toren en ziet niemand, maar iedereen kan je horen."
Net als haar collega's past ze haar repertoire aan de actualiteit aan: van oude volksliedjes tot een voetballied als er voetbalwedstrijden zijn, boogie-woogie of pop. Ze arrangeert de muziek zelf. "Afhankelijk van hoe ik me voel. Het is een muzikale omlijsting van de stad."

Tijdens het spelen moeten tonnen klokkenbrons in beweging worden gezet. "Toch kun je emotie en dynamiek in het spel leggen. Een live-concert klinkt anders dan de automaat die de klokken elk kwartier bespeelt. Je hoort het verschil tussen de ziel en zaligheid van de beiaardier of de monotone aanslag van de automaat." De bijna eindeloze wenteltrap naar haar instrument neemt ze voor lief. "Ik red het makkelijk en het hoort bij de charme van het instrument."

De liefde voor het vak is niet vreemd. "Ik kom uit een organistenfamilie. Alleen mijn vader werd geen organist maar beiaardier. Net als ik."

Naast haar moeder- en beiaardierschap heeft ze een studieklavier – een beiaardklavier met klankstaven. "Daarmee geef ik lezingen en ga ik naar scholen.

Reageer als eerste