Foto: Foto:
De IJsselsteinse Column

Jongensdromen


Mijn jongensdroom was vroeger: ridder worden, net als Ivanhoe. Ook de tv-serie Swiebertje inspireerde mijn jongensdromen. Veldwachter Bromsnor sprak mij wel aan, maar die brave burgemeester...nee. Ik moet toch eens aan ónze burgemeester vragen wat zijn jongensdroom was.

Vast iets met auto's, te oordelen naar de foto's in zijn werkkamer. Maar nu heeft hij een hondenbaan. Altijd maar mikpunt van kritiek, afgelopen week zelfs in ons gemoedelijke Zenderkrantje. Gelukkig zijn de meeste burgemeesters beroeps-optimisten met een olifantenhuid. Ze besturen steevast een prachtige gemeente, met de uitdagingen van een levendige multi-culturele samenleving, en de vooruitstrevende dynamiek van gedurfd ondernemerschap, weerspiegeld in architectonische vernieuwing. Jaja... Ik zou voor de verandering wel eens een burgemeester - liever niet de onze! - willen horen bekennen: "In dit gat wil je niet dood gevonden worden. Ik zit hier in afwachting van een zetel in de Eerste Kamer. De gemeenteraad is een kleuterklas, het stadsbeeld wordt vergriept door projectontwikkelaars, en het barst hier van de drugscriminaliteit en overlast door rondhangende Eskimo's."
Maar dat is geen taal voor een politicus. Voor politiek moet je in de wieg gelegd zijn, en al jong aanleg tonen. Dan word je bijvoorbeeld lid van de JOVD, de kinderopvang van de VVD. Daar leer je dat tegenstanders bij een andere partij zitten, maar vijanden in je éigen partij. Een dierbare vriend zwom ooit rond in die haaienvijver, maar hij was veel te rechtlijnig. Bij een congres werd hij – woest over de zoveelste slinkse intrige – door drie partijgenoten weggesleurd bij de microfoon. Hij is nooit parlementariër of burgemeester geworden.

Rinus Verweij

Meer berichten