Foto:
De IJsselsteinse Column

Onpersoonlijk

Onze samenleving wordt steeds onpersoonlijker. Functionarissen kunnen zich steeds meer verschuilen achter digitale systemen en het contact met de mensen voor wie ze werken ontlopen. Wel begrijpelijk, want publieke functionarissen die nog wél direct contact met het publiek hebben, zoals: baliemedewerkers van uitkeringsinstanties, agenten en hulpverleners, lopen toenemend risico om slachtoffer te worden van verbaal en fysiek geweld. Tegelijkertijd roept dat ontlopen van contact ook weer agressie op; een vicieuze cirkel.

Ronddwalen op een van-kastje-naar-muur-website

Voorbeeld: een kennis stuurde mij een pakket vanuit Engeland. Alles klopte, maar het huisnummer ontbrak. Mijn straat telt weinig huisnummers, maar het pakket is onvindbaar. In mijn jeugd zou de postbode, met in gouden letters PTT op zijn pet, moeiteloos geweten hebben waar hij het pakket had moeten bezorgen of het pakket hebben klaargelegd in het PTT-kantoor. Nu moest ik ronddwalen op een van-kastje-naar-muur-website en een keuzemenu-moeras doorworstelen om een bitse juf aan de lijn te krijgen die als een robot herhaalde dat ze niets kon doen zonder de 'trackingcode'. Ik heb de hoorn neergekwakt. In zo'n samenleving is het begrijpelijk dat mensen op zoek gaan naar een nieuw soort stamgevoel en een soms agressief getinte groepsidentiteit. Ze gaan toeterend bruiloften of voetbalsuccessen vieren, tegelijkertijd medeweggebruikers terroriserend. Boeren leggen met tractoren het verkeer lam. Anderen organiseren zich in 'chapters' van nog niet verboden motorclubs, waar ze naast machogedrag aan liefdadigheid doen voor een bedrieglijk ruwe bolster-blanke pit imago. Tegelijkertijd is er behoefte aan individuele expressie door zelfverminkingen als tatoeages. Mensen zijn rare wezens.

Rinus Verweij

Meer berichten